Wanneer ben je een “kind” voor de erfbelasting?

Een bijzonderheid van de Nederlandse erfbelasting is dat iedere erfgenaam recht heeft op een eigen vrijstelling. Kinderen van de erflater hebben een hogere vrijstelling dan bijvoorbeeld broers of zusters van de erflater. Met ingang van 1 januari 2026 is de groep van personen die onder het begrip “kind” valt verder verruimd. In dit blog ontdek je welke personen recht hebben op de vrijstelling voor kinderen in de erfbelasting.

Je leeftijd is niet (meer) van belang

Allereerst is het van belang dat je leeftijd er niet toe doet. Met het begrip kind wordt niet een minderjarige erfgenaam bedoeld maar een afstammeling van de overledene. Ook een volwassen kind heeft recht op de kindervrijstelling.

Onder de oude Successiewet (tot het jaar 2010) was de vrijstelling voor kinderen afhankelijk van de leeftijd van het kind en de omvang van de erfenis. Minderjarige kinderen hadden een grotere vrijstelling dan volwassen kinderen. Volwassen kinderen die een grote erfenis kregen hadden een lagere vrijstelling dan volwassen kinderen die een kleine erfenis kregen. Voor de meeste kinderen waren de vrijstellingen destijds een stuk kleiner dan ze op dit moment zijn. Hier stond tegenover dat het belastingpercentage in de meeste gevallen ook lager was.

De vrijstellingen en tarieven in de huidige Successiewet (na het jaar 2010) zijn eenvoudiger. De vrijstelling is voor ieder kind hetzelfde en er zijn nog maar twee tariefschijven in plaats van zeven.

Belangrijker dan de vrijstellingen zijn de tariefschalen

Dat je voor de erfbelasting kwalificeert als “kind” is niet alleen van belang voor de vrijstellingen. Het zorgt er ook voor dat je recht hebt op de belastingtarieven voor kinderen. Boven de vrijstelling betaal je als kind minimaal 10% erfbelasting en maximaal 20% erfbelasting. Andere verkrijgers zoals broers en zussen of bijvoorbeeld vrienden betalen minimaal 30% erfbelasting en maximaal 40% erfbelasting. Vooral bij grotere erfenissen is het feit dat je recht hebt op de lagere tarieven veel belangrijker dan de grotere vrijstelling.

Wanneer ben je voor de erfbelasting een kind van de overledene?

Het uitgangspunt in de Successiewet is de familierechtelijke band tussen de ouder en het kind. Hierna volgen een paar voorbeelden.

  • Jan en Yvonne zijn getrouwd en hebben tijdens hun huwelijk twee kinderen gekregen. Yvonne is op grond van de wet de moeder van het kind omdat het kind “uit haar is geboren”. Dit staat in artikel 1:198 lid 1 sub a van het Burgerlijk Wetboek. Jan is de vader van het kind omdat hij op het tijdstip van de geboorte gehuwd was met Yvonne. Dit staat in artikel 1:199 sub a van het Burgerlijk Wetboek.
  • Lisa en Kevin wonen ongehuwd samen en hebben samen een kind. Artikel 1:198 lid 1 sub a Burgerlijk Wetboek geldt ook voor Lisa. Zij is vanzelfsprekend de moeder van het kind omdat het “uit haar is geboren”. Kevin heeft het kind enkele maanden na de geboorte erkend bij de gemeente. Hij is officieel de vader van het kind op grond van artikel 1:199 sub c van het Burgerlijk Wetboek.
  • Demi en Anouk hebben een geregistreerd partnerschap. Anouk bevalt tijdens het partnerschap van een kind dat verwekt is met behulp van een anonieme donor. Demi en Anouk zijn beiden moeder van het kind op grond van de wet. Anouk op grond van artikel 1:198 lid 1 sub a van het Burgerlijk Wetboek omdat het kind uit haar is geboren. Demi op grond van artikel 1:198 lid 1 sub b van het Burgerlijk Wetboek omdat de donor anoniem is.
  • Jeroen en Daniëlle hebben twee kinderen officieel geadopteerd. Door de adoptie is er een familierechtelijke band ontstaan. Jeroen is de vader van de kinderen op grond van artikel 1:199 sub e van het Burgerlijk Wetboek. Daniëlle is de moeder van de kinderen op grond van artikel 1:198 lid 1 sub e van het Burgerlijk Wetboek

Alle kinderen in de hierboven beschreven voorbeelden hebben recht op de kindervrijstelling bij het overlijden van hun vader of moeder.

Pleegkinderen

Pleegkinderen hebben ook recht op de kindervrijstelling voor de erfbelasting. De Successiewet bevat een eigen definitie van het begrip pleegkind:

Als pleegkinderen worden aangemerkt zij, die vóór het tijdstip waarop zij de leeftijd van 21 jaar hebben bereikt dan wel het tijdstip waarop zij vóór die leeftijd in het huwelijk zijn getreden, gedurende ten minste vijf jaren uitsluitend door de pleegouder – dan wel uitsluitend door hem en zijn echtgenoot tezamen – als een eigen kind zijn onderhouden en opgevoed.

Met het woord “uitsluitend” wordt bedoeld dat de rol van de pleegouder zo intensief is dat deze in feite de plaats inneemt van de ouder die ontbreekt. Het beleid over de gelijkstelling van pleegkinderen met kinderen vind je hier. Ben je bezig met je testament en wil je een pleegkind tot (mede)erfgenaam benoemen? Dan is het verstandig om door middel van correspondentie met de belastingdienst vast te stellen of jouw situatie voldoet aan de voorwaarden van de Successiewet.

Stiefkinderen hebben ook recht op een vrijstelling

In Nederland zijn er steeds meer samengestelde gezinnen, met kinderen uit meerdere relaties. Vaak groeien deze kinderen samen met elkaar op. Veel (stief)ouders maken een testament waarin ze alle kinderen over en weer tot erfgenaam benoemen. Ook gebeurt het regelmatig dat één van beide partners zelf geen kinderen heeft en om die reden de kinderen van zijn of haar partner tot erfgenaam wil benoemen.

  • Jack is een kinderloze weduwnaar. Zijn echtgenote Ingrid overleed enkele jaren geleden. Ingrid had twee kinderen uit een eerder huwelijk. Jack heeft zijn beide stiefkinderen tot erfgenaam benoemd. Als Jack overlijdt hebben de stiefkinderen recht op de kindervrijstelling in de erfbelasting. Dit is geregeld in artikel 19 lid 1 sub b van de Successiewet.
  • Cindy en Frits zijn enkele jaren geleden gescheiden. Samen hebben ze twee kinderen. Frits heeft ook nog een kind uit een eerdere relatie. Cindy en Frits hebben beiden een testament waarin ze de drie kinderen ieder voor één/derde tot erfgenaam benoemen. Als Cindy overlijdt heeft haar stiefkind geen recht op de kindervrijstelling. Artikel 19 lid 1 sub b van de Successiewet geldt namelijk niet als het huwelijk van de ouder en de stiefouder is beëindigd door echtscheiding.
  • Dennis en Laura wonen sinds twee jaar samen en hebben een samenlevingscontract. Dennis heeft een dochter uit een eerdere relatie en Laura heeft een zoon uit een eerdere relatie. Samen hebben ze geen kinderen. Dennis en Laura hebben in hun testamenten beide kinderen tot erfgenaam benoemd. Ook stiefkinderen van samenwoners hebben recht op de vrijstelling voor kinderen. Hierbij geldt wel de voorwaarde dat de ouder en de stiefouder moeten kwalificeren als “partners” voor de Successiewet. Hier vind je meer uitleg over de partnervrijstelling.

Kinderen over wie gezamenlijke voogdij wordt of is uitgeoefend

Op grond van artikel 19 lid 1 sub e Successiewet hebben ook kinderen over wie gezamenlijke voogdij wordt of is uitgoefend recht op de kindervrijstelling in het geval dat ze erven van hun voogd.

  • De moeder van Emma is overleden toen zij 15 jaar oud was. Daarna hebben haar oom en tante tot de 18e verjaardag de gezamenlijke voogdij uitgeoefend. De oom en tante hebben Emma tot erfgenaam benoemd in hun testament. Zij heeft recht op de kindervrijstelling voor de erfbelasting.

Nieuw: biologische kinderen hebben ook recht op een vrijstelling

Met ingang van 1 januari 2026 is artikel 19 van de Successiewet aangevuld met de volgende tekst:

Voor de toepassing van deze wet worden gelijkgesteld: kinderen die niet in familierechtelijke betrekking staan tot de persoon waarvan uit een genetische test blijkt dat die hun biologische ouder is, met kinderen die wel in familierechtelijke betrekking staan tot die persoon.

Eerder bepaalde de Hoge Raad in deze uitspraak al dat het onrechtvaardig was om een onderscheid te maken tussen kinderen die wel en niet erkend zijn.

  • Lisa is geboren uit een LAT-relatie van Marcel en Monique. Marcel heeft zijn dochter nooit erkend maar hij heeft haar wel tot enig erfgenaam benoemd in zijn testament. Lisa geldt voor de erfbelasting als “kind” van Marcel, ook al is er geen officiële familierechtelijke band.
  • Anita en Bianca hebben een geregistreerd partnerschap. Bianca is in verwachting van zaaddonor Chris, een goede vriend van het stel. Chris is zelf vrijgezel en heeft nog geen kinderen. Anita, Bianca en Chris maken alle drie een testament waarin ze het kind tot erfgenaam benoemen. Het kind heeft bij alle drie erfenissen recht op de kindervrijstelling. In het geval van Bianca omdat zij de moeder is. In het geval van Anita omdat zij de stiefmoeder is. En in het geval van Chris omdat hij de biologische vader is.

Meer lezen?

erfbelasting kind

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven