De meeste notarissen zullen je altijd aanraden om naast je samenlevingscontract ook een testament te maken. Zonder een testament ben je namelijk niet elkaars erfgenaam. Met alleen een samenlevingscontract heb je dus geen recht op elkaars erfenis. Toch klopt dat niet helemaal. Een deel van je vermogen gaat wel degelijk naar je partner als je overlijdt. Ook als je geen testament hebt.
1. Partnerpensioen
Je staat er misschien niet elke dag bij stil, maar een groot deel van je vermogen bestaat uit je opgebouwde pensioenrechten. Doordat pensioengeld collectief wordt belegd, weet je niet hoeveel geld er in jouw persoonlijke pensioenpot zit. Dit gaat veranderen onder het nieuwe pensioenstelsel. Het nieuwe systeem wordt transparanter en persoonlijker.
Wat gelukkig niet verandert, dat is het recht op partnerpensioen. Dit houdt in dat je partner een uitkering ontvangt als jij overlijdt. Het enige wat je daarvoor hoeft te doen is elkaar aanmelden. Dit kan zolang je nog premie afdraagt. Je kunt elkaar dus niet aanmelden bij een pensioenfonds waar je niks meer opbouwt. Ook is het niet mogelijk om elkaar aan te melden wanneer je al met pensioen bent.
Veel mensen weten niet dat het partnerpensioen direct ingaat bij overlijden. Op je pensioenoverzicht staat het maand- en/of jaarbedrag dat je partner krijgt als er wat gebeurt.
De aanwijzing als pensioenpartner staat geheel los van je testament. Je partner kan jouw pensioen ook erven als je geen testament hebt. Dankzij een wijziging van de Pensioenwet heb je ook geen samenlevingscontract meer nodig om elkaar aan te kunnen melden.
2. Begunstiging overlijdensrisicoverzekering
De meeste samenlevingscontracten worden gemaakt door stellen die samen een huis hebben gekocht. Het is gebruikelijk om tegelijk met de hypotheek ook een overlijdensrisicoverzekering af te sluiten. Standaard is dit een zogenoemde “kruislingse” polis. Dit houdt in dat A het leven van B verzekert en andersom B het leven van A verzekert. De reden hiervoor is dat deze constructie vrijgesteld is van erfbelasting.
De uitkering is normaal gezien gekoppeld aan de hypotheek. Dit betekent dat het uitgekeerde bedrag bij overlijden automatisch gebruikt wordt om de hypotheek te verlagen. Hierdoor gaan de maandlasten omlaag, waardoor de langstlevende het huis niet hoeft te verkopen.
Je kunt zo’n polis ook los afsluiten. Bijvoorbeeld als jullie een huurwoning hebben en samen een kind verwachten. Een overlijdensrisicoverzekering is extra belangrijk als je geen pensioen opbouwt. In dat geval heeft je partner namelijk ook geen recht op partnerpensioen. In deze situatie kun je het beste een kruislingse polis afsluiten. Je bent in dat geval niet afhankelijk van de inhoud van een testament of samenlevingscontract. Dit deel van de “erfenis” gaat dus ook naar de langstlevende als je geen samenlevingscontract hebt.
3. Verblijvingsbeding in je samenlevingscontract
In een samenlevingscontract kun je afspreken wat er met gemeenschappelijke bezittingen gebeurt bij overlijden. Hierbij kun je denken aan de gezamenlijke koopwoning en de gezamenlijke inboedel. Het is gebruikelijk om te bepalen dat deze zaken bij overlijden naar de langstlevende gaan. Dit wordt ook wel een “verblijvingsbeding” genoemd.
Aan de ene kant is het een mooie afspraak die elkaar bescherming biedt. Aan de andere kant heeft het ook een paar nadelen. Stel bijvoorbeeld dat jullie samen wat overkomt en dat jullie kort na elkaar overlijden. Op het moment dat de eerste van beiden overlijdt, gaat het huis naar de langstlevende. Dankzij de overlijdensrisicoverzekering is het huis misschien wel vrij van hypotheek. Vervolgens overlijdt de langstlevende zonder testament. Het huis vererft in dat geval naar de ouders, broers en zusters van de langstlevende. De familie van degene die als eerste overleed heeft dus geen recht op de overwaarde van het huis.
Om het gezamenlijke huis aan elkaar na te laten heb je dus geen testament nodig. Maar voor een eerlijke verdeling van de erfenis over beide families is een testament wel noodzakelijk. Je kunt bijvoorbeeld beide families over en weer tot reserve erfgenaam benoemen.
Een samenlevingscontract regelt alleen de verhouding tussen jullie als partners onderling. Als er kinderen zijn is het altijd verstandig om een testament te maken. Daarin kun je bijvoorbeeld een langstlevende regeling opnemen. Dit houdt in dat de volledige erfenis eerst naar de langstlevende gaat. De kinderen erven in ruil hiervoor een geldvordering op de langstlevende. Deze regeling is standaard van toepassing als je getrouwd bent of geregistreerd als partner. Samenwoners kunnen een vergelijkbare regeling opnemen in hun testament.
4. Maak een codicil
Behalve een notarieel testament heb je ook de optie van een zelfgemaakt codicil. Dit is een met de hand geschreven document waarin je bepaalde zaken kunt legateren. Hiermee kun je een deel van je erfenis nalaten aan je partner, je kinderen of andere personen. Denk bijvoorbeeld aan sieraden en bepaalde zaken uit de inboedel.
In een codicil kun je geen erfgenaam of executeur benoemen. Ook kun je geen geldlegaten opnemen in een codicil. Voor de volgende goederen heb je altijd een notarieel testament nodig om ze aan iemand na te kunnen laten:
- Een koophuis op één naam.
- Voertuigen zoals auto’s, motorfietsen en campers.
- Geldbedragen.
- Beleggingen zoals aandelen.
- Vorderingen op derden, bijvoorbeeld als je geld hebt uitgeleend.
5. Niks geregeld en toch (een beetje) beschermd
Het erfrecht bevat een hoofdstuk met “andere wettelijke rechten”. Hier vind je onder andere een aantal minimale rechten voor langstlevende partners. Zo kan een onterfde echtgenoot bijvoorbeeld een vruchtgebruik claimen van het huis. Zijn jullie niet getrouwd en hebben jullie geen geregistreerd partnerschap? Dan heeft de langstlevende het recht om de woning en de inboedel nog 6 maanden te blijven gebruiken. Denk bijvoorbeeld aan het geval dat je samenwoont in een koophuis waarvan de overledene de enige eigenaar was. In dat geval kan de langstlevende dus niet direct op straat worden gezet.

Liever geen kosten maken bij de notaris?
Steeds meer stellen kiezen voor een geregistreerd partnerschap. Dit kun je gratis regelen bij de gemeente en het heeft dezelfde gevolgen als een huwelijk. Er ontstaat bijvoorbeeld een (beperkte) gemeenschap van goederen en je bent automatisch elkaars erfgenaam. In veel gevallen is het niet nodig om partnerschapsvoorwaarden of testamenten te maken.
Het aangaan van een partnerschap is de goedkoopste manier om je zaken te regelen. Het is vooral interessant als jullie niet willen trouwen maar geen bezwaar hebben tegen een gemeenschap van goederen.
