Veel mensen weten dat een langstlevende partner recht heeft op een grote vrijstelling voor de erfbelasting. Minder bekend is dat deze vrijstelling variabel is. In 2026 is de vrijstelling minimaal € 213.195 en maximaal € 828.035. Het maximale bedrag wordt namelijk verlaagd met de waarde van het nabestaandenpensioen dat de langstlevende erft. Dit wordt “pensioenimputatie” genoemd. In dit blog leg ik uit hoe je zelf de pensioenimputatie en de hoogte van de vrijstelling voor de erfbelasting kunt berekenen.
Wil je direct aan de slag met je eigen cijfers? Bekijk dan de video hieronder en doe mee met de berekening:
Pensioenimputatie berekenen in 2026
De formule voor het uitrekenen van de pensioenimputatie bestaat uit deze stappen:
- Je zoekt het bruto nabestaanden- of partnerpensioen op dat je als langstlevende per maand krijgt nadat je partner overlijdt.
- Dat bedrag vermenigvuldig je met 12 maanden zodat je het totale bedrag per jaar hebt.
- Dit jaarbedrag vermenigvuldig je met een getal dat afhangt van je leeftijd. Je vindt dit getal in de tabel hieronder.
- Nu heb je de bruto waarde van het nabestaandenpensioen berekend.
- Van dit bedrag neem je 50% als basis voor de pensioenimputatie.
- Vervolgens mag je dit bedrag verlagen met een belastinglatentie van 30%. De reden hiervoor is dat je als langstlevende inkomstenbelasting betaalt over het nabestaandenpensioen. In 2026 is de maximale aftrek vanwege deze latentie € 184.452. Zie voorbeeld 2 voor meer uitleg hierover.
- Nu heb je het bedrag van de pensioenimputatie berekend. Dit is het bedrag waarmee je de maximale vrijstelling verlaagt.
Het komt er per saldo op neer dat de pensioenimputatie 35% is van de bruto waarde (stap 4) van het pensioen dat je erft. Gelukkig heb je altijd recht op een minimale vrijstelling. In 2026 is de minimale vrijstelling € 213.195. Erf je een heel hoog nabestaandenpensioen? Dan gaat je vrijstelling dus nooit naar € 0 omdat je altijd recht hebt op de minimale vrijstelling van € 213.195.
Leeftijdstabel voor stap 3
| Leeftijd langstlevende op moment van overlijden: | Leeftijdsfactor: |
|---|---|
| tot 20 jaar | 16 |
| 20 tot 30 jaar | 15 |
| 30 tot 40 jaar | 14 |
| 40 tot 50 jaar | 13 |
| 50 tot 55 jaar | 12 |
| 55 tot 60 jaar | 11 |
| 60 tot 65 jaar | 10 |
| 65 tot 70 jaar | 8 |
| 70 tot 75 jaar | 7 |
| 75 tot 80 jaar | 5 |
| 80 tot 85 jaar | 4 |
| 85 tot 90 jaar | 3 |
| 90 jaar of ouder | 2 |
Laten we aan de hand van een paar voorbeelden bekijken hoe dit in de praktijk uitpakt.
Voorbeeld 1: een modaal pensioen
Martin en Bianca zijn beiden 49 jaar. Ze zijn getrouwd en hebben samen een vermogen van € 250.000. Martin is in loondienst en overlijdt plotseling in 2026. Bianca erft een modaal nabestaandenpensioen van € 20.000 per jaar. Op grond van de leeftijdstabel is de waarde 13 keer het jaarbedrag. Dat is 13 keer € 20.000, dus € 260.000. Je verlaagt de vrijstelling met 35% van dit bedrag. Dit betekent dat de vrijstelling met € 91.000 omlaag gaat van € 828.035 naar € 737.035.
De vrijstelling is na deze verlaging nog steeds veel hoger dan de waarde van de erfenis. Bianca hoeft zich dus geen zorgen te maken over de pensioenimputatie. In een doorsnee situatie is het onderwerp pensioenimputatie niet van belang omdat een gemiddelde erfenis veel lager is dan de minimale vrijstelling van € 213.195.
Erf jij ook een modaal nabestaandenpensioen van ongeveer € 20.000 per jaar, maar val je in een andere leeftijdscategorie? Dan kun je in de tabel hieronder opzoeken hoe het ongeveer uitpakt in jouw situatie.

Voorbeeld 2: een zeer hoog nabestaandenpensioen
Erf je als langstlevende een hoog nabestaandenpensioen? Dan moet je in sommige situaties de pensioenimputatie anders berekenen. Als je de percentages uit punt 5 en 6 samenvoegt, dan is de pensioenimputatie 35%. Boven een bepaald bedrag aan nabestaandenpensioen geldt in plaats van een percentage aan belastinglatentie een maximaal bedrag aan belastinglatentie. Dat bedrag is 30% van het verschil tussen de maximale en minimale vrijstelling. In 2026 is dit verschil € 828.035 minus € 213.195, dus € 614.840. En 30% van dit verschil is € 184.452.
Bij een zeer hoog nabestaandenpensioen betekent dit dat de imputatie hoger (!) kan zijn dan de vuistregel van 35%. Dit wordt de “netto methode” van de pensioenimputatie genoemd.
In de tabel hieronder heb ik met rode getallen aangegeven hoe dit werkt. Stel dat je een nabestaandenpensioen erft van € 7.000 per maand, dus € 84.000 per jaar. In dat geval is de imputatie in de jongste twee leeftijdscategorieën meer dan 35% van de waarde van het pensioen. Door de maximale belastinglatentie gaat de vrijstelling dus extra hard omlaag. Ook bij de netto methode geldt altijd de minimale vrijstelling van € 213.195 (in 2026)

Voorbeeld 3: een bijzonder geval
In bijzondere situaties kan de pensioenimputatie nare gevolgen hebben.
Richard (43 jaar) en Annette (39 jaar) zijn sinds 2021 bij elkaar. Annette heeft een dochter van 11 jaar uit een vorige relatie. Richard heeft een goede baan bij een multinational. Het gezin heeft daardoor de afgelopen jaren in meerdere landen gewoond. Sinds kort wonen ze in Amsterdam zodat de dochter in Nederland naar de middelbare school kan gaan. Richard heeft in 2024 een woning gekocht voor € 550.000 met een volledige hypotheek. Annette had op dat moment geen inkomen. Daardoor staat de woning op Richard zijn naam. Hij heeft een overlijdensrisicoverzekering afgesloten voor 100% van de hypotheek. In 2025 zijn Richard en Annette met elkaar getrouwd. Daardoor is Annette de enige erfgenaam van Richard. Als er wat met Richard gebeurt, krijgt zij de hele erfenis en een nabestaandenpensioen van € 48.000 per jaar.
Richard overlijdt plotseling in 2026. Annette erft de woning die op dat moment € 650.000 waard is. Vanwege de overlijdensrisicoverzekering is het huis vrij van hypotheek. Zonder pensioenimputatie zou de erfenis ruim onder de vrijstelling blijven van € 828.035. Maar Annette erft op haar 39e een partnerpensioen van € 48.000 per jaar. Daardoor heeft zij nog maar recht op een partnervrijstelling van € 592.835. Vanwege de pensioenimputatie betaalt Annette € 5.716 erfbelasting over het huis. Zonder pensioenimputatie was de erfbelasting € 0 geweest.

| WOZ waarde woning: | € 650.000 |
| hypotheekschuld: | € 0 |
| vrijstelling: | € 592.835 |
| belast bedrag: | € 57.165 |
| 10% erfbelasting eerste schijf (tot € 158.669) | € 5.716 |
| 20% erfbelasting tweede schijf (boven € 158.669) | € 0 |
| totale erfbelasting Annette | € 5.716 |
AOW, lijfrente en pensioenimputatie
De waarde van je AOW en ANW-uitkering telt gelukkig niet mee voor de erfbelasting. In beginsel gaat de pensioenimputatie alleen uit van het nabestaanden- of partnerpensioen dat je als langstlevende krijgt van het pensioenfonds van je overleden partner.
Wanneer je als partner een lijfrente erft, dan is de pensioenimputatie wel weer van toepassing. Is er bij meerdere fondsen een pensioen opgebouwd? Dan ontvangt de langstlevende misschien meer dan één nabestaandenpensioen. In dat geval moet je de bedragen bij elkaar optellen voor de berekening van de pensioenimputatie.
Meer lezen?
- 10 tips voor wie echt geen erfbelasting wil betalen!
- Met dit testament kun je als echtpaar duizenden euro’s zorgkosten besparen.
- In deze tabel kun je opzoeken of je rijk genoeg bent voor een opvullegaat.
- Of check hier vanaf welk bedrag een tweetrapstestament zin heeft.
- Zo bereken je de hoogte van de erfbelasting (voorbeelden).
Veelgestelde vragen:
Wat is pensioenimputatie?
Pensioenimputatie betekent dat de vrijstelling van de langstlevende voor de erfbelasting wordt verlaagd met de waarde van het nabestaandenpensioen dat hij of zij erft. Dit kan tot gevolg hebben dat de langstlevende meer erfbelasting betaalt.
Hoe moet je de pensioenimputatie berekenen?
Het berekenen van de pensioenimputatie werkt als volgt. Het jaarbedrag aan nabestaandenpensioen vermenigvuldig je met een getal dat afhangt van de leeftijd van de langstlevende (zie tabel). De helft van dit bedrag is de basis voor de pensioenimputatie. Je mag hier nog 30% belastinglatentie van af halen en daarna breng je het bedrag in mindering op de vrijstelling. Bij een zeer hoog nabestaandenpensioen zou vanwege de imputatie de vrijstelling volledig kunnen vervallen. Daarom geldt er altijd een minimale vrijstelling voor de langstlevende. In het jaar 2026 is deze, ongeacht de hoogte van het pensioen, € 213.195
Is pensioenimputatie belangrijk?
In een doorsnee situatie is de pensioenimputatie niet van belang. Want een gemiddelde erfenis is veel lager dan de minimale vrijstelling voor de erfbelasting. Veel belangrijker voor de heffing van erfbelasting is het soort testament dat de overledene heeft gemaakt. Met een slim testament betaalt de langstlevende minder erfbelasting. Voorbeelden hiervan zijn het “kleinkindlegaat” en het “opvullegaat”.
Hoe hoog is de minimale vrijstelling na pensioenimputatie?
In 2026 is de minimale vrijstelling na pensioenimputatie € 213.195. Als de fiscale verkrijging van de langstlevende lager is dan dit bedrag, dan betaalt hij of zij geen erfbelasting.
