Pensioenimputatie verlaagt vrijstelling erfbelasting langstlevende

Een langstlevende partner heeft in 2024 recht op een vrijstelling voor de erfbelasting van maximaal € 795.156. In de meeste gevallen is het vrijgestelde bedrag een stuk lager. Dit komt doordat de vrijstelling verlaagd wordt met de waarde van het nabestaandenpensioen. We noemen dat “pensioenimputatie”. In dit blog leg ik uit hoe je zelf de pensioenimputatie en de vrijstelling voor de erfbelasting kunt berekenen.

Wil je direct aan de slag met je eigen cijfers? Bekijk dan de video hieronder en doe mee met de berekening:

Pensioenimputatie berekenen in 2024

De formule voor het uitrekenen van de pensioenimputatie bestaat uit deze stappen:

  1. Je zoekt het bruto nabestaanden- of partnerpensioen op dat je als langstlevende per maand krijgt nadat je partner overlijdt.
  2. Dat bedrag doe je keer 12 maanden zodat je het totale bedrag per jaar hebt.
  3. Dit jaarbedrag vermenigvuldig je met een getal dat afhangt van je leeftijd. Je vindt dit getal in de tabel hieronder.
  4. Nu heb je de bruto waarde van het nabestaandenpensioen berekend.
  5. Van dit bedrag neem je 50% als basis voor de pensioenimputatie.
  6. Van dit bedrag mag je vervolgens nog 30% belastinglatentie aftrekken. Want van het bruto pensioen gaat later nog inkomstenbelasting af. In 2024 is de maximale aftrek vanwege deze latentie € 176.920. Zie voorbeeld 2 voor meer uitleg hierover.
  7. Nu heb je het bedrag van de pensioenimputatie berekend. Dit is het bedrag dat je van de vrijstelling af haalt.

Het komt er per saldo op neer dat de pensioenimputatie 35% is van de bruto waarde (stap 4) van het pensioen dat je erft. Gelukkig heb je altijd recht op een minimale vrijstelling. In 2024 is de minimale vrijstelling € 205.420. Erf je een heel hoog nabestaandenpensioen? Dan gaat je vrijstelling dus nooit naar € 0 omdat je altijd recht hebt op de minimale vrijstelling.

Leeftijd langstlevende op moment van overlijden:Leeftijdsfactor:
tot 20 jaar16
20 tot 30 jaar15
30 tot 40 jaar14
40 tot 50 jaar13
50 tot 55 jaar12
55 tot 60 jaar11
60 tot 65 jaar10
65 tot 70 jaar8
70 tot 75 jaar7
75 tot 80 jaar5
80 tot 85 jaar4
85 tot 90 jaar3
90 jaar of ouder2

Laten we aan de hand van een paar voorbeelden bekijken hoe dit in de praktijk uitpakt.

Voorbeeld 1: een modaal pensioen

Martin en Bianca zijn beiden 49 jaar. Ze zijn getrouwd en hebben samen een vermogen van € 250.000. Martin is in loondienst en overlijdt plotseling in 2024. Bianca erft een modaal nabestaandenpensioen van € 20.000 per jaar. Op grond van de tabel hierboven is de waarde 13 keer het jaarbedrag. Dat is 13 keer € 20.000, dus € 260.000. Je verlaagt de vrijstelling met 35% van dit bedrag. Dit betekent dat de vrijstelling met € 91.000 omlaag gaat van € 795.156 naar € 704.156.

De vrijstelling is na deze verlaging nog steeds veel hoger dan de erfenis. Bianca hoeft zich dus geen zorgen te maken over de pensioenimputatie. In een doorsnee situatie is het niet van belang omdat een gemiddelde erfenis veel lager is dan de vrijstelling.

Heb jij ook een modaal pensioen maar een andere leeftijd? Dan kun je in de tabel hieronder opzoeken hoe het werkt in jouw situatie.

pensioenimputatie 2024
klik op de tabel voor een grote versie in een nieuw tabblad

Voorbeeld 2: een zeer hoog nabestaandenpensioen

Erf je als langstlevende een hoog nabestaandenpensioen? Dan kan de berekening anders werken. Als je de percentages uit punt 5 en 6 samenvoegt, dan is de pensioenimputatie 35%. Boven een bepaald bedrag aan pensioen geldt in plaats van een percentage aan latentie een maximaal bedrag aan latentie. Dat bedrag is 30% van het verschil tussen de maximale en minimale vrijstelling. In 2024 is dit verschil € 795.156 minus € 205.420, dus € 589.736. En 30% van dit verschil is € 176.920,80.

Bij een zeer hoog nabestaandenpensioen betekent dit dat de imputatie hoger kan zijn dan de vuistregel van 35%. We noemen dit de “netto methode” van de pensioenimputatie.

In de tabel hieronder heb ik met rode getallen aangegeven hoe dit werkt. Stel dat je een pensioen erft van € 7.000 per maand, dus € 84.000 per jaar. In dat geval is de imputatie in de jongste twee leeftijdscategorieën meer dan 35% van de waarde van het pensioen. Door de maximale latentie gaat de vrijstelling dus extra omlaag.

pensioenimputatie formule
klik op de tabel voor een grote versie in een nieuw tabblad

Voorbeeld 3: een bijzonder geval

In bijzondere situaties kan de pensioenimputatie nare gevolgen hebben.

Richard (43 jaar) en Annette (39 jaar) zijn sinds 2018 bij elkaar. Annette heeft een dochter van 11 jaar uit een vorige relatie. Richard heeft een goede baan bij een multinational. Het gezin heeft daardoor de afgelopen jaren in meerdere landen gewoond. Sinds kort wonen ze in Amsterdam zodat de dochter in Nederland naar de middelbare school kan gaan. Richard heeft in 2022 een woning gekocht voor € 550.000 met een volledige hypotheek. Annette had op dat moment geen inkomen. Daardoor staat de woning op Richard zijn naam. Hij heeft een overlijdensrisicoverzekering afgesloten voor 100% van de hypotheek. In 2023 zijn Richard en Annette met elkaar getrouwd. Daardoor is Annette de enige erfgenaam van Richard. Als er wat met Richard gebeurt, krijgt zij de hele erfenis en een nabestaandenpensioen van € 48.000 per jaar.

Richard overlijdt plotseling in 2024. Annette erft de woning die op dat moment € 600.000 waard is. Vanwege de verzekering is het huis vrij van hypotheek. Zonder pensioenimputatie zou de erfenis ruim onder de vrijstelling blijven van € 795.156. Maar Annette erft op haar 39e een partnerpensioen van € 48.000 per jaar. Daardoor heeft zij nog maar recht op een partnervrijstelling van € 559.956. Vanwege de pensioenimputatie betaalt Annette € 4.004 erfbelasting over het huis.

pensioenimputatie berekenen
klik op de tabel voor een grote versie in een nieuw tabblad
WOZ waarde woning:€ 600.000
hypotheekschuld:€ 0
vrijstelling:€ 559.956
belast bedrag:€ 40.044
10% erfbelasting eerste schijf (tot € 152.368)€ 4.004
20% erfbelasting tweede schijf (boven € 152.368)€ 0
totale erfbelasting Annette€ 4.004

AOW, lijfrente en pensioenimputatie

De waarde van je AOW en ANW-uitkering telt gelukkig niet mee voor de erfbelasting. In beginsel gaat de pensioenimputatie alleen uit van het nabestaanden- of partnerpensioen dat je als langstlevende krijgt van het pensioenfonds van je overleden partner.

Wanneer je als partner een lijfrente erft, dan is de pensioenimputatie wel weer van toepassing. Is er bij meerdere fondsen een pensioen opgebouwd? Dan ontvangt de langstlevende misschien meer dan één nabestaandenpensioen. In dat geval moet je de bedragen bij elkaar optellen voor de berekening van de pensioenimputatie.

Meer lezen?

Veelgestelde vragen:

Wat is pensioenimputatie?

Pensioenimputatie betekent dat de vrijstelling van de langstlevende voor de erfbelasting wordt verlaagd met de waarde van het nabestaandenpensioen dat hij of zij erft. Dit kan tot gevolg hebben dat de langstlevende meer erfbelasting betaalt.

Hoe moet je de pensioenimputatie berekenen?

Het berekenen van de pensioenimputatie werkt als volgt. Het jaarbedrag aan nabestaandenpensioen vermenigvuldig je met een getal dat afhangt van de leeftijd van de langstlevende (zie tabel). De helft van dit bedrag is de basis voor de pensioenimputatie. Je mag hier nog 30% belastinglatentie van af halen en daarna breng je het bedrag in mindering op de vrijstelling. Bij een zeer hoog nabestaandenpensioen zou vanwege de imputatie de vrijstelling volledig kunnen vervallen. Daarom geldt er altijd een minimale vrijstelling voor de langstlevende. In het jaar 2024 is deze, ongeacht de hoogte van het pensioen, € 205.420

Is pensioenimputatie belangrijk?

In een doorsnee situatie is de pensioenimputatie niet van belang. Want een gemiddelde erfenis is veel lager dan de minimale vrijstelling voor de erfbelasting. Veel belangrijker voor de heffing van erfbelasting is het soort testament dat de overledene heeft gemaakt. Want met een slim testament betaalt de langstlevende minder erfbelasting.

Hoe hoog is de minimale vrijstelling na pensioenimputatie?

In 2024 is de minimale vrijstelling na pensioenimputatie € 205.420. Als de fiscale verkrijging van de langstlevende lager is dan dit bedrag, dan betaalt hij of zij geen erfbelasting.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *