De meeste ouders lenen wel eens geld uit aan hun kinderen. Bijvoorbeeld om een auto te kopen, een verbouwing te betalen of een eigen bedrijf te starten. Het is heel gebruikelijk om zo’n lening af te bouwen door er een schenking van te maken. Dit kun je bijvoorbeeld doen om belasting te besparen. Bij het omzetten van een lening in een schenking gaat er regelmatig wat mis. In dit blog leg ik uit waar je op moet letten.
Kun je een lening aan een kind omzetten in een schenking?
Vaak wordt afgesproken dat het kind de lening pas aan het einde van de looptijd terugbetaalt aan de ouders. Dit wordt een “aflossingsvrije” lening genoemd. Een andere optie is dat het kind maandelijks een gedeelte aflost. Dit kan bijvoorbeeld met een “lineaire” of “annuïtaire” lening. Veel families bouwen de lening versneld af door deze in gedeelten kwijt te schelden. Op die manier kun je de lening omzetten in een schenking. Hierbij kun je bijvoorbeeld gebruik maken van de jaarlijkse vrijstelling voor de schenkbelasting.
Moet je de omzetting melden bij de belastingdienst?
Of je de omzetting moet melden bij de belastingdienst hangt af van het bedrag. Voor de heffing van schenkbelasting wordt het omzetten als een belastbare gift gezien. Gelukkig geldt er altijd een vrijstelling. Heb je meerdere kinderen? De vrijstelling geldt per kind en per jaar. Ieder kalenderjaar kun je de vrijstelling opnieuw gebruiken.
Schenkingen in hetzelfde jaar aan hetzelfde kind tel je bij elkaar op. Is het totaal hoger dan de vrijstelling? Dan ben je verplicht om aangifte te doen bij de belastingdienst. Dit moet vóór 1 maart van het kalenderjaar na het jaar waarin je de schenking doet. Het indienen van de aangifte kan online op de website van de belastingdienst.
In 2024 is de jaarlijkse vrijstelling voor een kind € 6.633. Daarnaast kan je kind één keer een beroep doen op de extra hoge vrijstelling. In 2024 bedraagt deze € 31.813. Dit kan tussen de 18e en 40e verjaardag van het kind. Let op: als je gebruik wilt maken van de extra hoge vrijstelling dan moet je dit melden bij de belastingdienst. Ook als de schenking lager is dan het maximale bedrag. Je hebt namelijk alleen recht op de vrijstelling als je een aangifte schenkbelasting indient waarbij je er een beroep op doet.
Is het kwijtgescholden bedrag lager dan de jaarlijkse vrijstelling? En is het totaalbedrag in het kalenderjaar, inclusief eventuele andere schenkingen, ook lager dan de jaarlijkse vrijstelling? Dan hoef je het omzetten van de lening in een schenking niet te melden bij de belastingdienst.
Is de schuldenaar geen kind van de schuldeiser? Dan geldt de lagere vrijstelling voor “overige” verkrijgers. In 2024 bedraagt deze vrijstelling € 2.658.

1. Meerdere schuldenaren
Heb je geld uitgeleend aan je kind en je schoonkind? Bijvoorbeeld voor de aankoop van een huis of de financiering van een verbouwing? Dan is de vraag van belang wie je precies wilt bevoordelen. Wil je alleen schenken aan je kind? Of wil je het schoonkind ook bevoordelen?
Als je hierover niets vastlegt dan verrijkt je schoonkind ook door de omzetting in een schenking. Is dat laatste niet jouw bedoeling? Dan is het niet voldoende om hierover iets vast te leggen tussen ouder en kind. Het kind en het schoonkind moeten onderling ook iets vastleggen. Ze kunnen bijvoorbeeld afspreken dat de schenking bij een verkoop of relatiebreuk verrekend wordt ten gunste van één van beiden. Dit kan door hierover een duidelijke afspraak op te nemen in een samenlevingscontract, in partnerschapsvoorwaarden of in huwelijkse voorwaarden.
2. Vergoedingsrecht vastleggen
Een vergelijkbare situatie doet zich voor als de lening verstrekt is aan het kind maar het geld gebruikt is voor gezamenlijke bezittingen. Denk bijvoorbeeld aan het geval dat het kind een lening heeft gekregen waarmee een nieuwe keuken is geplaatst in het gezamenlijke koophuis. Je moet er niet van uit gaan dat er automatisch een zogenoemd “vergoedingsrecht” ontstaat ten gunste van het kind. Vooral niet als je kind ongehuwd is. Voor samenwoners ontbreekt namelijk een uitdrukkelijke wettelijke basis voor vergoedingsrechten.
Een vergoedingsrecht is een vorderingsrecht tussen twee partners. Een dergelijk recht kan ontstaan doordat met vermogen van de één een schuld van de ander wordt afgelost. Of doordat één van beiden iets koopt met geld dat van de ander is. Denk bijvoorbeeld aan het aflossen van een studieschuld van je partner. Of de aanschaf van een gezamenlijke auto die deels met privé spaargeld wordt betaald.
Is de lening aan het kind gebruikt voor een gezamenlijke investering? Zorg dan dat het kind en het schoonkind het vergoedingsrecht schriftelijk vastleggen vóórdat je de lening omzet in een schenking.
3. Privé clausule vastleggen
Is de schuldenaar na het aangaan van de lening gehuwd of een geregistreerd partnerschap aangegaan? Leg in dat geval schriftelijk een uitsluitingsclausule vast. Daarmee geef je aan dat het jouw bedoeling is dat de schenking bij een scheiding wordt verrekend ten gunste van de schuldenaar. In aanvulling hierop is het belangrijk dat de schuldenaar en zijn of haar partner onderling een vergoedingsrecht vastleggen, zoals bedoeld in de vorige paragraaf.
4. Verrekening tussen de kinderen
Heb je nog meer kinderen? Denk dan na over de vraag of de omzetting verrekend moet worden na jouw overlijden. Tegenwoordig staat in het erfrecht dat giften in beginsel niet worden verrekend met de erfenis. Bij de gift of in je testament kun je vastleggen dat de kinderen giften wel moeten verrekenen.
Kijk allereerst in je testament of hierin iets staat wat afwijkt van de wet. De clausule over de zogenoemde “inbreng” van schenkingen staat meestal aan het einde van het testament. Heb je bijvoorbeeld opgeschreven dat giften wel moeten worden verrekend? Dan kun je alsnog per afzonderlijke gift iets anders vastleggen.
Schenk je bijvoorbeeld aan het ene kind € 5.000 terwijl je op een lening aan het andere kind € 5.000 kwijtscheldt? Houd er dan rekening mee dat slechts één van beide giften zichtbaar is in de transactiegeschiedenis op je bankrekening. Bij het omzetten van een lening in een schenking zie je namelijk geen corresponderende afschrijving of bijschrijving. Ook als de kinderen gelijk worden bevoordeeld is het verstandig om op papier te zetten hoe het is gegaan en wat de bedoeling is na jouw overlijden.
Meer lezen?
- Wist je dat er wel 6 verschillende privéclausules bestaan?
- Meer uitleg over wel of niet inbrengen van de schenking in je erfenis.
- Met dit voorbeeld kan je kind zelf een vergoedingsrecht vastleggen.
- Hier kun je online aangifte schenkbelasting doen (website fiscus).
Veelgestelde vragen:
Kun je een lening omzetten in een schenking?
Ja, het is mogelijk om een vordering op je kind deels of geheel kwijt te schelden. Als het bedrag hoger is dan de jaarlijkse vrijstelling, dan moet je kind daar wel schenkbelasting over betalen.
Kan ik mijn kind een renteloze lening geven?
Ja, juridisch is het geen probleem om een renteloze lening aan je kind te geven. Maar fiscaal kan de belastingdienst daar een belaste gift in zien.
Artikel 15 lid 1 Successiewet zegt er het volgende over: “Van een geldlening die geen rente draagt, of een rente draagt die lager is dan het percentage, bedoeld in artikel 21, veertiende lid, en welke lening rechtens dan wel in feite direct opeisbaar is of dat op enig moment wordt, wordt de schuldeiser vanaf de dag waarop de lening opeisbaar wordt voor de toepassing van deze wet geacht van dag tot dag een vruchtgebruik aan de schuldenaar te hebben geschonken.”
Hoeveel geld mag je lenen aan je kind?
Je mag zoveel geld lenen aan je kind als je wilt. Er is geen wettelijke grens aan de hoogte van een lening binnen de familie. Maar bij een hoge lening is de kans wel groter dat de belastingdienst gaat kijken naar de voorwaarden van de lening. Denk bijvoorbeeld aan de hoogte van het rentepercentage. Als de voorwaarden niet marktconform zijn, dan kan de fiscus hier een schenking in zien.
Wat is de minimale rente bij een onderhandse lening?
Bij een onderhandse lening hoor je een marktconforme rente af te spreken. Een niet marktconforme rente kan een belastbare schenking zijn. Op grond van de Successiewet geldt bij een “rechtens dan wel in feite direct opeisbare” onderhandse lening dat de minimale rente 6% is. Het is echter gebruikelijk om bij een lening een looptijd vast te leggen, waarbij de lening in de tussentijd dus niet direct opeisbaar is. In dat geval geldt het percentage van 6% niet. Bij grotere leningen is het verstandig om advies te vragen van een fiscalist.
