Je kindsdeel opeisen zonder testament kan in deze 6 gevallen

Als er geen testament is, ben je dus niet onterfd. Maar wanneer krijg jij je deel als de erfenis eerst naar de langstlevende gaat? In deze 6 gevallen kun je het kindsdeel opeisen zonder testament.

1. Bij het overlijden van langstlevende

Als je eerste ouder overlijdt zonder testament, dan kun je het kindsdeel meestal pas opeisen als de tweede ouder overlijdt. Op grond van de wet gaat de hele erfenis naar de langstlevende. Als kind krijg je een “tegoedbon”. Dit is een schuld aan jou die je pas kunt opeisen wanneer de laatste overlijdt.

kindsdeel opeisen zonder testament

2. Als de langstlevende failliet gaat of in de schuldsanering zit

Je kunt de schuld ook voor het overlijden van de laatste al opeisen als er sprake is van een faillissement of schuldsanering. Maar of er dan nog wat te halen is? Wat ook niet helpt, is dat de schuld aan jou geen voorrang heeft. Je staat dus in dezelfde rij als de andere schuldeisers.

3. Meteen na het overlijden, als de erfenis naar je stiefouder gaat

Het opeisen van je kindsdeel zonder testament kan meteen als de erfenis naar je stiefouder gaat. Je hebt in dat geval een wilsrecht. Dit betekent dat er vermogen op jouw naam komt, waar je stiefouder nog wel het vruchtgebruik van heeft. Dit kan een aandeel in de eigendom van het huis zijn. Het voordeel voor jou is dat dit vermogen altijd naar jou gaat. Je stiefouder kan dit niet meer opmaken. Dat mag alleen nog als de kantonrechter dit goed vindt.

4. Overlijdt je stiefouder als laatste, dan kun je spullen opeisen

Hiervoor onder 1. heb je kunnen lezen dat je geld krijgt als de laatste overlijdt. Maar wat als je liever spullen hebt? Als je het onder 3 bedoelde recht niet hebt geclaimd, dan kun je dit alsnog doen als je stiefouder overlijdt. De erfgenamen van je stiefouder moeten in dat geval geen geld maar spullen aan jou geven.

5. Als je laatste ouder opnieuw trouwt, dan kun je ook spullen opeisen

Sinds 2003 staat er in het erfrecht dat jij spullen kunt opeisen als je laatste ouder opnieuw gaat trouwen. Dit betekent dat er vermogen op jouw naam komt, waar je ouder nog wel het vruchtgebruik van heeft. Sinds 2018 gaat het vermogen van je ouders standaard niet meer de gemeenschap van goederen in bij een tweede huwelijk. Daarom is het niet zo aardig als jij dan toch spullen gaat opeisen. Maar zolang de wetgever dit recht niet uit de wet haalt, kun jij er nog je voordeel mee doen.

6. Als je laatste ouder overlijdt en opnieuw gehuwd was, ook als jij bent onterfd.

Normaal heb je bij een onterving geen recht op goederen. Maar hierop is één uitzondering die bijna niemand kent. Is je eerste ouder overleden zonder testament en heeft de laatste ouder jou onterfd ten behoeve van een nieuwe echtgenoot? Dan heb je ondanks de onterving toch recht op spullen! Dit komt omdat jij dit recht nog kunt inroepen doordat je eerste ouder je niet heeft onterfd. Je kindsdeel op deze manier opeisen kan alleen wanneer je eerste ouder zonder testament is overleden na 1 januari 2003.

Had je eerste ouder geen testament en je laatste ouder ook geen testament maar was die laatste ouder gehuwd op het moment van overlijden? Dan heb je dus twee keer het recht om spullen op te eisen. Op grond van punt 1 of punt 6 mag je kiezen tussen geld of goederen uit de eerste erfenis. En op grond van punt 3 heb je recht op goederen uit de laatste erfenis. Je stiefouder heeft in dat geval dus dubbel pech.

Meer lezen?

Veelgestelde vragen:

Wanneer kun je het kindsdeel opeisen bij een overlijden zonder testament?

Als je eerste ouder overlijdt zonder testament, dan kun je het kindsdeel meestal pas opeisen als de laatste overlijdt. Op grond van de wet gaat de hele erfenis naar de partner. Als kind krijg je een “tegoedbon”. Dit is een schuld aan jou die opeisbaar is wanneer de laatste overlijdt.

Artikel 4:13 van het Burgerlijk Wetboek:
“De nalatenschap van de erflater die een echtgenoot en een of meer kinderen als erfgenamen achterlaat, wordt, tenzij de erflater bij uiterste wilsbeschikking heeft bepaald dat deze afdeling geheel buiten toepassing blijft, overeenkomstig de volgende leden verdeeld … De echtgenoot verkrijgt van rechtswege de goederen van de nalatenschap … Ieder van de kinderen verkrijgt als erfgenaam van rechtswege een geldvordering ten laste van de echtgenoot, overeenkomend met de waarde van zijn erfdeel … Deze vordering is opeisbaar … wanneer de echtgenoot is overleden.”

Je kunt de schuld ook opeisen als de langstlevende failliet gaat of in de schuldsanering belandt.

Artikel 4:13 van het Burgerlijk Wetboek:
“Deze vordering is opeisbaar … indien de echtgenoot in staat van faillissement is verklaard of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is verklaard … “

Kun je meteen je kindsdeel opeisen als de erfenis naar je stiefouder gaat?

Ja, dat kan. Het opeisen van je kindsdeel zonder testament kan meteen als de erfenis naar je stiefouder gaat. Je hebt in dat geval een wilsrecht. Dit betekent dat er vermogen op jouw naam komt, waar je stiefouder nog wel het vruchtgebruik van heeft. Dit kan een aandeel in de eigendom van het huis zijn. Het voordeel voor jou is dat dit vermogen altijd naar jou gaat. Je stiefouder kan dit niet meer opmaken. Dat mag alleen nog als de kantonrechter dit goed vindt.

Artikel 4:21 Burgerlijk Wetboek:
“Indien een kind overeenkomstig artikel 13 lid 3 een geldvordering op zijn stiefouder ter zake van de nalatenschap van zijn overleden ouder heeft verkregen, is de stiefouder verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de in lid 4 van dat artikel bedoelde verhoging. De overdracht vindt, tenzij de stiefouder daarvan afziet, plaats onder voorbehoud van het vruchtgebruik van de goederen.”

Wat kan ik doen als ik geen geld wil maar spullen?

Is de erfenis naar je stiefouder gegaan en overlijdt die als laatste? Dan heb jij recht op uitbetaling van je erfdeel in geld. Maar je mag in plaats daarvan ook om spullen vragen uit de erfenis. De erfgenamen van je stiefouder moeten in dat geval dus geen geld maar spullen aan jou geven.

Artikel 4:22 Burgerlijk Wetboek:
“Indien een kind overeenkomstig artikel 13 lid 3 een geldvordering op zijn stiefouder ter zake van de nalatenschap van zijn overleden ouder heeft verkregen, en de stiefouder is overleden, zijn diens erfgenamen verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de in lid 4 van dat artikel bedoelde verhoging.”

Artikel 4:24 lid 1 Burgerlijk Wetboek:
“De in de artikelen 19, 20, 21 en 22 bedoelde verplichting tot overdracht betreft goederen die deel hebben uitgemaakt van de nalatenschap van de erflater of van de door diens overlijden ontbonden huwelijksgemeenschap. In afwijking van de eerste zin heeft de in de artikelen 21 en 22 bedoelde verplichting tot overdracht geen betrekking op goederen die van de zijde van de stiefouder in de huwelijksgemeenschap met de erflater zijn gevallen.”

Heb ik recht op mijn deel als de langstlevende opnieuw trouwt?

Sinds 2003 staat er in het erfrecht dat jij spullen kunt opeisen bij een nieuw huwelijk van je laatste ouder. Dit betekent dat er vermogen op jouw naam komt, waar je ouder nog wel het vruchtgebruik van heeft. Sinds 2018 gaat het vermogen van je ouders standaard niet meer de gemeenschap van goederen in bij een tweede huwelijk. Daarom is het niet zo aardig als jij dan toch spullen gaat opeisen. Maar zolang de wetgever dit recht niet uit de wet haalt, kun jij er nog je voordeel mee doen.

Artikel 4:19 Burgerlijk Wetboek
“Indien een kind overeenkomstig artikel 13 lid 3 een geldvordering op zijn langstlevende ouder ter zake van de nalatenschap van zijn eerst overleden ouder heeft verkregen, en die ouder aangifte heeft gedaan van zijn voornemen opnieuw een huwelijk te willen aangaan, is deze verplicht aan het kind op diens verzoek goederen over te dragen met een waarde van ten hoogste die geldvordering, vermeerderd met de in lid 4 van dat artikel bedoelde verhoging. De overdracht vindt, tenzij de ouder daarvan afziet, plaats onder voorbehoud van het vruchtgebruik van de goederen.”