Finaal verrekenbeding bij scheiding, zo werkt het

Frank en Thea zijn al 10 jaar samen en hebben besloten om te gaan trouwen. Beiden zijn ondernemer en een gemeenschap van goederen lijkt ze daarom niet slim. Maar niks met elkaar delen voelt ook niet goed omdat ze alles samen hebben opgebouwd. De oplossing hiervoor is het finaal verrekenbeding bij scheiding. Als één van beiden failliet gaat, is de ander daardoor beschermd voor de schulden. Maar zouden ze uit elkaar gaan, dan gaat alles eerlijk door de helft. Voordat ze naar de notaris gingen, wisten ze niet dat het zo simpel kon zijn.

Wat is een finaal verrekenbeding bij scheiding?

Een finaal verrekenbeding bij scheiding is de afspraak tussen echtgenoten om af te rekenen alsof er een gemeenschap van goederen was. Ga je uit elkaar, dan betekent dit dat de rijkste echtgenoot een bedrag moet geven aan de armste echtgenoot. De afspraak werkt twee kanten op en is dus wederkerig. Hierdoor kun je alles samen delen zonder risico te lopen voor elkaars schulden.

Kun je een erfenis ook verrekenen?

Heb je vermogen geërfd en wil je dat ook met elkaar delen? Of dat kan, hangt af van het testament. Meestal staat daar een uitsluitingsclausule in waardoor je de erfenis niet mag delen met je partner. Het ligt aan de tekst van de clausule wat je wel en niet mag afspreken. Vraag daarom altijd de notaris om advies wanneer dit bij jou speelt.

Heeft een finaal verrekenbeding bij scheiding fiscale gevolgen?

De belastingdienst behandelt een finaal verrekenbeding bij scheiding hetzelfde als een gemeenschap van goederen. De armste van beiden wordt rijker door deze afspraak maar betaalt daar geen belasting over.

Hoe regel je dit?

Om dit vast te leggen in huwelijkse voorwaarden, heb je een notaris nodig. Elke notaris heeft zijn eigen model maar het zal ongeveer lijken op de tekst hieronder.

finaal verrekenbeding bij scheiding

Meer lezen?

Veelgestelde vragen:

Wat is een finaal verrekenbeding bij scheiding?

Een finaal verrekenbeding bij scheiding is de afspraak tussen echtgenoten om af te rekenen alsof er een gemeenschap van goederen was. Ga je uit elkaar, dan betekent dit dat de rijkste echtgenoot een bedrag moet geven aan de armste echtgenoot. De afspraak werkt twee kanten op en is dus wederkerig. Hierdoor kun je alles samen delen zonder risico te lopen voor elkaars schulden.

Lees hier ons blog voor meer uitleg over het finaal verrekenbeding.

De wettelijke regels voor verrekenbedingen staan in artikel 1:132 tot en met 1:143 van het Burgerlijk Wetboek. Een paar citaten daaruit:

“De verplichting tot verrekening van inkomsten of van vermogen is wederkerig. De verrekening van inkomsten of van vermogen geschiedt bij helfte. Een echtgenoot die opzettelijk een tot het te verrekenen vermogen behorend goed verzwijgt, zoek maakt of verborgen houdt waardoor de waarde daarvan niet in de verrekening is betrokken, dient de waarde daarvan niet te verrekenen, maar geheel aan de andere echtgenoot te vergoeden. Bestaat tussen de echtgenoten een geschil omtrent de vraag of een goed tot het te verrekenen vermogen wordt gerekend en kan geen van beiden bewijzen dat het goed tot het niet te verrekenen vermogen wordt gerekend, dan wordt dat goed aangemerkt als te rekenen tot het te verrekenen vermogen.”

Kun je een erfenis ook verrekenen?

Heb je vermogen geërfd en wil je dat ook met elkaar delen? Of dat kan, hangt af van het testament. Meestal staat daar een uitsluitingsclausule in waardoor je de erfenis niet mag delen met je partner. Het ligt aan de tekst van de clausule wat je wel en niet mag afspreken. Vraag daarom altijd de notaris om advies wanneer dit bij jou speelt.

Dit zijn de 6 varianten voor de uitsluitingsclausule.

Heeft een finaal verrekenbeding bij scheiding fiscale gevolgen?

De belastingdienst behandelt een finaal verrekenbeding bij scheiding hetzelfde als een gemeenschap van goederen. De armste van beiden wordt rijker door deze afspraak maar betaalt daar geen belasting over.

Wijziging van het besluit van 5 juli 2010, nr. DGB2010/872M, Stcrt. 2010, nr. 10783, Belastingdienst/Directie Vaktechniek Belastingen, Besluit van 29 maart 2018, nr. 2018-45958:

“3.2.3. Wederkerig finaal verrekenbeding
In plaats van het laten ontstaan van een gemeenschap van goederen kunnen echtgenoten bij huwelijkse voorwaarden overeenkomen dat ze bij echtscheiding en overlijden of alleen bij overlijden hun vermogens verrekenen alsof er sprake is van een gemeenschap van goederen. Dit kan voorafgaand aan het huwelijk in de huwelijkse voorwaarden worden overeengekomen. Ook kunnen tijdens het huwelijk de huwelijkse voorwaarden waarin een koude uitsluiting is opgenomen, worden aangevuld met een verplicht wederkerig finaal verrekenbeding dat werkt bij echtscheiding en overlijden of alleen bij overlijden. Hierdoor ontstaat bij echtscheiding of overlijden economisch dezelfde situatie als bij het aangaan van een wettelijke of algehele gemeenschap van goederen.
Goedkeuring
Ik keur goed dat als echtgenoten een huwelijk aangaan onder huwelijkse voorwaarden waarbij iedere gemeenschap is uitgesloten en waarbij zij een wederkerig verplicht finaal verrekenbeding overeenkomen dat hen ertoe verplicht om bij echtscheiding en overlijden of alleen bij overlijden hun vermogens te verrekenen alsof zij op basis van een gelijke gerechtigdheid gehuwd zijn in wettelijke of algehele gemeenschap van goederen, dit voor de toepassing van de Successiewet niet leidt tot een schenking. Dit geldt ook als echtgenoten huwelijkse voorwaarden hebben opgesteld waarbij iedere gemeenschap is uitgesloten en zij tijdens het huwelijk alsnog een wederkerig verplicht finaal verrekenbeding opnemen dat hen ertoe verplicht om bij echtscheiding en overlijden of alleen bij overlijden hun vermogens te verrekenen alsof zij op basis van een gelijke gerechtigdheid gehuwd zijn in een wettelijke of algehele gemeenschap van goederen.”

Kun je dit regelen zonder notaris?

Nee, een finaal verrekenbeding bij scheiding kun je alleen afspreken in huwelijkse voorwaarden waarvoor een vormvoorschrift geldt:

Artikel 1:115 lid 1 Burgerlijk Wetboek:
“Huwelijkse voorwaarden moeten op straffe van nietigheid bij notariële akte worden aangegaan.”