Een finaal verrekenbeding bij overlijden is de afspraak in huwelijkse voorwaarden om af te rekenen alsof er een algehele gemeenschap van goederen was. Hiermee kunnen echtparen en geregistreerd partners tot wel 20% erfbelasting besparen. In dit blog leg ik uit hoe dat werkt. Deze informatie is vooral interessant voor stellen met een groot verschil in vermogen. Volgens mij komt dat tegenwoordig vaker voor dan vroeger. Dit is een gevolg van de invoering van de “beperkte” gemeenschap van goederen. Hierdoor hebben alle nieuwe echtparen standaard een vermogensverschil omdat voorhuwelijks privévermogen niet meer gemeenschappelijk wordt.
De gemeenschap van goederen vóór en ná 2018
De meeste mensen zijn wel bekend met het begrip “gemeenschap van goederen”. Deze ontstaat automatisch als je met elkaar trouwt zonder huwelijkse voorwaarden te maken. Hetzelfde geldt voor geregistreerde partners die geen partnerschapsvoorwaarden maken.
Tot 2018 kenden we de “algehele” gemeenschap van goederen. Ook het voorhuwelijkse privé vermogen van beide echtgenoten viel daar in. Had één van beiden bijvoorbeeld een koophuis op zijn of haar eigen naam? Dan werd dit huis door het aangaan van het huwelijk gemeenschappelijk bezit doordat het in de “algehele” gemeenschap van goederen viel.
De enige belangrijke uitzondering hierop is een erfenis of schenking die verkregen werd met een zogenoemde “uitsluitingsclausule”. Dit vermogen bleef wel privé en viel dus niet in de algehele gemeenschap van goederen
Per 1 januari 2018 is de wet gewijzigd. Sindsdien ontstaat er standaard een “beperkte” gemeenschap van goederen. De nieuwe wet geldt alleen voor nieuwe stellen. Wie getrouwd is onder de oude wet heeft dus nog steeds een ouderwetse algehele gemeenschap van goederen.
Bij een beperkte gemeenschap van goederen blijft het privévermogen dat je al had privé. Bij een beperkte gemeenschap van goederen is er dus altijd sprake van een vermogensverschil. Dit betekent dat het finaal verrekenbeding belangrijker is geworden na 2018. Het onderwerp is niet alleen van belang voor stellen die huwelijkse voorwaarden willen maken. Ook stellen die geen voorwaarden maken hebben automatisch een vermogensverschil. Als dit verschil groot is, kan het verstandig zijn om alsnog huwelijkse voorwaarden te maken.
Wat is een finaal verrekenbeding bij overlijden?
Een finaal verrekenbeding bij overlijden is een clausule in huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden. Deze clausule houdt in dat je aan het einde van het huwelijk of partnerschap door overlijden afrekent alsof er sprake was van een algehele gemeenschap van goederen
Neem bijvoorbeeld het geval dat A en B getrouwd zijn onder huwelijkse voorwaarden. Het vermogen van A bedraagt € 500.000 en het vermogen van B bedraagt € 100.000. Stel dat A als eerste van beiden overlijdt. Het finaal verrekenbeding heeft tot gevolg dat B een vordering heeft van € 200.000 op de nalatenschap van A. Dit betekent dat de nalatenschap van A een waarde heeft van € 300.000 (€ 500.000 minus € 200.000). Het vermogen van B heeft een waarde van € 300.000 (€ 100.000 plus € 200.000). Beide vermogens zijn hierdoor even groot.
Waarom bespaart een finaal verrekenbeding erfbelasting?
Door het finaal verrekenbeding verschuift er vermogen van de ene echtgenoot naar de echtgenoot. De belastingdienst ziet het maken van deze afspraak niet als een schenking en het uitvoeren van deze afspraak niet als een erfenis. Dit betekent dat het maken en uitvoeren van deze afspraak niet leidt tot een heffing van schenkbelasting of erfbelasting. Hierna zal ik het fiscale voordeel van een finaal verrekenbeding uitleggen aan de hand van twee rekenvoorbeelden. Eerst kijken we naar een stel zonder kinderen en daarna naar een stel met kinderen.
Voorbeeld 1: geen kinderen en 1,6 miljoen vermogen
Nick en Margriet zijn enkele jaren geleden getrouwd onder huwelijkse voorwaarden. Ze hebben samen geen kinderen en er zijn ook geen kinderen uit eerdere relaties. Nick is al 20 jaar ondernemer. Zijn vermogen bestaat uit een woning van € 750.000 waarop nog een hypotheek rust van € 250.000. Voor zijn onderneming heeft hij een bedrijfsgebouw met een overwaarde van € 500.000. Verder heeft hij nog € 500.000 aan spaartegoeden en effecten. Zijn totale vermogen is dus € 1.500.000. Margriet is ZZP-er en heeft € 100.000 spaargeld.
Margriet en Nick hebben beiden geen testament. Op grond van de wet zijn ze elkaars enige erfgenaam. Omdat ze beiden geen pensioen opbouwen is het extra belangrijk om bij het eerste overlijden geen erfbelasting te betalen. Dit zou namelijk ten koste gaan van de verzorging van de langstlevende.
In 2025 heeft een langstlevende partner recht op een vrijstelling voor de erfbelasting tussen € 207.886 en € 804.698. De hoogte is afhankelijk van het nabestaandenpensioen dat de langstlevende erft. De waarde hiervan komt in mindering op de maximale vrijstelling van € 804.698. Bij een zeer hoog nabestaandenpensioen heb je altijd recht op een minimale vrijstelling van € 207.886. Omdat Nick en Margriet geen pensioen opbouwen, hebben ze beiden recht op de maximale vrijstelling van € 804.698. Daarboven geldt eerst een 10% tariefschijf van € 154.197. Daarna betaal je over het meerdere 20% erfbelasting.
Stel dat Margriet als eerste overlijdt. Haar erfenis blijft met € 100.000 ruim onder de vrijstelling. Nick betaalt dus geen erfbelasting.
Stel dat Nick als eerste overlijdt. Zijn erfenis is met € 1.500.000 ruim boven de vrijstelling. Margriet betaalt over € 804.698 geen erfbelasting. Over € 154.197 betaalt ze 10% erfbelasting. Over de resterende € 541.105 betaalt ze 20% erfbelasting. De totale erfbelasting is dus € 123.640. Dat is een flinke aderlating. Daar had Margriet minstens 3 jaar haar levensonderhoud van kunnen betalen.
Als Margriet en Nick een finaal verrekenbeding bij overlijden opnemen in hun huwelijkse voorwaarden zijn beide erfenissen € 800.000. Het maakt wat dat betreft niet uit wie het eerste overlijdt. Indien Nick als eerste overlijdt, heeft zijn nalatenschap een schuld aan Margriet. Indien Margriet als eerste overlijdt, heeft haar nalatenschap een vordering op Nick. In beide gevallen is de erfenis lager dan de vrijstelling! De erfbelasting gaat dus omlaag van € 123.640 naar € 0. In deze situatie zou je dus wel gek zijn als je geen finaal verrekenbeding bij overlijden opneemt in je huwelijkse voorwaarden.
Voorbeeld 2: twee kinderen en 600.000 vermogen
Daniëlle en Bas zijn in 2021 getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden. Er is dus sprake van een “beperkte” gemeenschap van goederen. Samen hebben ze twee kinderen. Daniëlle is eigenaar van twee woningen met een totale overwaarde van € 600.000. Zij heeft deze woningen gekocht vóór het aangaan van het huwelijk. De woningen zijn hierdoor haar privé vermogen gebleven. Op zich heeft Daniëlle er geen bezwaar tegen als Bas mede-eigenaar zou zijn. Maar Bas wil dat liever niet omdat hij ondernemer is. Hij heeft liever dat Daniëlle eigenaar blijft zodat dit vermogen beschermd is tegen zakelijke schuldeisers.
Stel nu dat Daniëlle als eerste van beiden overlijdt zonder testament. Haar vermogen bedraagt € 600.000. Op grond van de wet heeft zij drie erfgenamen: Bas en de beide kinderen. Iedere erfgenaam heeft recht op een erfdeel van € 200.000. De volledige erfenis wordt op grond van de wet toegedeeld aan Bas. In ruil hiervoor houdt hij een schuld aan de kinderen. De beide kinderen erven ieder een vordering op Bas van € 200.000.
Stel dat Bas 56 jaar oud is op het moment dat Daniëlle overlijdt. In dat geval heeft de vordering van het kind een fiscale waarde van € 68.000. Meer uitleg over de fiscale waardering vind je hier. Hiervan is in 2025 vrijgesteld een bedrag van € 25.490. Resteert een belaste som van € 42.510 waarover 10% erfbelasting is verschuldigd. De totale erfbelasting voor beide kinderen bedraagt dus € 8.502. Een flinke aderlating, zeker als je bedenkt dat Bas ondernemer is en geen pensioen opbouwt.
Stel nu dat Daniëlle en Bas alsnog naar de notaris gaan om huwelijkse voorwaarden te maken en daarin een finaal verrekenbeding bij overlijden opnemen. Hoe zou de berekening dan uitpakken? In dit geval is de erfenis van Daniëlle nog maar € 300.000 waard. De andere helft is belastingvrij voor Bas. De kinderen erven ieder een vordering van € 100.000. Deze vordering heeft een fiscale waarde van € 34.000. Hiervan is € 25.490 vrijgesteld. Resteert een belaste som van € 8.510 waarover 10% belasting wordt betaald. De totale erfbelasting voor beide kinderen samen is € 1.702. Hiermee besparen ze dus € 6.800 erfbelasting.
Voorbeeld finaal verrekenbeding
Je kunt de notaris vragen om onderstaande voorbeeld tekst op te nemen in je huwelijkse voorwaarden. Deze tekst gaat er van uit dat je wilt afrekenen alsof er een volledige (algehele) gemeenschap van goederen was. Bij echtscheiding blijft het privé vermogen dus privé.

Hebben jullie besloten om een finaal verrekenbeding op te nemen in jullie huwelijkse voorwaarden? Bespreek met de notaris dan ook de volgende onderwerpen:
- Wat is de bedoeling als jullie uit elkaar gaan? Moet er dan ook een afrekening plaatsvinden of behoudt ieder zijn eigen privé vermogen?
- Zijn er kinderen uit eerdere relaties? Door het finale verrekenbeding kan het erfdeel van een kind groter of kleiner worden. Misschien kun je dit compenseren met een andere erfstelling in je testament.
- Heb je al een testament? Houd er dan rekening mee dat de clausules in je testament niet gelden voor het bedrag dat op grond van het finaal verrekenbeding aan je echtgenoot toekomt. Een voorbeeld is het zogenoemde tweetrapstestament. De bepalingen in dit testament gelden alleen voor het bedrag dat resteert nadat de finale verrekening is uitgevoerd.
- Heb je zelf een berekening gemaakt van de erfbelasting? Laat deze dan controleren door de notaris. Om goed geïnformeerd een keuze te kunnen maken heb je acht (!) berekeningen nodig. Er zijn namelijk twee erfenissen en twee mogelijke volgordes (eerst erfenis A en dan erfenis B of eerst erfenis B en dan erfenis A). Dat zijn dus vier berekeningen. Bovendien wil je het verschil weten tussen wel of geen finaal verrekenbeding. In totaal moet je dus acht verschillende berekeningen maken.
Het finaal verrekenbeding heeft een wettelijke basis. Je vindt deze in artikel 1:132 tot en met 1:143 van het Burgerlijk Wetboek.
Kun je een finaal verrekenbeding bij overlijden opnemen in je testament?
Een finaal verrekenbeding zorgt in feite voor een andere verdeling van je erfenis. Je kunt dat tot op zekere hoogte ook in een testament regelen. Bijvoorbeeld door de erfdelen te wijzigen of door legaten op te nemen. In sommige situaties kun je daarmee hetzelfde fiscale voordeel behalen.
Neem bijvoorbeeld de hierboven beschreven situatie van Bas en Daniëlle. Huwelijkse voorwaarden zijn niet de enige manier om erfbelasting te besparen bij het eerste overlijden. Stel dat Daniëlle een testament maakt en daarin het erfdeel van Bas groter maakt en het erfdeel van de kinderen verkleint. Dit wordt ook wel een “opvullegaat” genoemd. Door de vrijstelling van Bas “op te vullen” gaan de vorderingen van de kinderen omlaag en is er minder erfbelasting verschuldigd.
Maar voor Nick en Margriet valt er fiscaal weinig voordeel te behalen met een testament. Het vermogen van Nick is namelijk zo groot dat zonder testament de vrijstelling van Margriet al volledig wordt gebruikt. Er valt dus niks “op te vullen” met een legaat. Toch is wel belangrijk om in de situatie van Nick en Margriet een testament te maken. As je geen kinderen hebt vererft het volledige vermogen uiteindelijk naar één familie. Overlijdt Nick als eerste en Margriet als laatste? Dan erft haar familie het volledige vermogen van 1,6 miljoen. De familie van Nick erft alleen van Margriet als zij een testament maakt waarin zij bijvoorbeeld beide families tot erfgenaam benoemt.
Meer lezen?
- Zo bereken je de hoogte van de vrijstelling voor de langstlevende.
- In deze tabel kun je opzoeken of je rijk genoeg bent voor een opvullegaat.
- Met dit testament kun je als echtpaar duizenden euro’s zorgkosten besparen.
- Meer uitleg over de beperkte gemeenschap van goederen.
- Bezoek mijn YouTube kanaal voor meer video’s over huwelijkse voorwaarden.
- Liever helemaal geen erfbelasting betalen? Dat kan met deze 10 tips.
