Erfbelasting bij overlijden echtgenoot, zo werkt het

Het is veel echtparen een doorn in het oog dat er na het overlijden van de eerste echtgenoot erfbelasting verschuldigd is. Gelukkig valt de hoogte van deze belasting in de praktijk vaak mee. De erfbelasting is een stuk lager dan de meeste mensen denken. In dit blog leg ik aan de hand van een simpel voorbeeld stap voor stap uit hoe je de erfbelasting berekent als je echtgenoot of echtgenote overlijdt.

Het voorbeeld

Cor en Anna zijn beiden 71 jaar oud. Ze zijn gehuwd en hebben samen twee kinderen. Het vermogen bestaat vooral uit een koophuis waar nog een hypotheek op zit. Het echtpaar vraagt zich af hoeveel erfbelasting er verschuldigd is op het moment dat één van beiden als eerste zou overlijden.

De wettelijke langstlevende regeling

Voordat we gaan rekenen eerst een korte uitleg over het wettelijke erfrecht. Tegenwoordig geldt er standaard een langstlevende regeling als je getrouwd bent en kinderen hebt. Hetzelfde geldt voor geregistreerd partners met kinderen.

De langstlevende regeling houdt in dat de langstlevende samen met de kinderen erfgenaam is. De volledige erfenis (alle bezittingen en schulden) wordt toegedeeld aan de langstlevende. In ruil hiervoor erven de kinderen een geldvordering op de langstlevende. Deze geldvordering is in beginsel pas opeisbaar na het overlijden van de langstlevende. In de tussentijd betaalt de langstlevende geen rente of aflossing aan de kinderen. Ik noem de vordering van de kinderen daarom ook wel een “tegoedbon”.

erfbelasting bij overlijden echtgenoot

De wettelijke langstlevende regeling geldt als je geen testament hebt. Als je wel een testament hebt, dan kun je daarin afwijken van de wet. Je kunt bijvoorbeeld een “vruchtgebruik testament” hebben of een zogenoemd “tweetrapstestament”. De meeste langstlevende testamenten hebben de hierboven beschreven wettelijke langstlevende regeling als basis. In aanvulling daarop kun je bijvoorbeeld een “uitsluitingsclausule” opnemen in je testament. Daardoor hebben je schoonkinderen geen recht op je erfenis. Of je kunt bijvoorbeeld een executeur benoemen voor het geval dat de laatste van jullie beiden overlijdt.

Het navolgende rekenvoorbeeld gaat er van uit dat er geen testament is of dat er een standaard testament is met de wettelijke langstlevende regeling als basis.

Stap 1: Hoe groot is de erfenis

Het eerste wat je moet doen bij het berekenen van de erfbelasting is het bepalen van de omvang van de erfenis. De meeste stellen zijn getrouwd in gemeenschap van goederen. In dat geval bestaat de erfenis uit de helft van de gemeenschap van goederen. Het is mogelijk dat één van beide echtgenoten vermogen buiten de gemeenschap heeft. Bijvoorbeeld als je een erfenis hebt gekregen van je ouders waarop een uitsluitingsclausule van toepassing is. In dat geval moet je dit vermogen geheel toerekenen aan de echtgenoot die dit vermogen heeft geërfd. Dit kan dus betekenen dat bepaalde vermogensbestanddelen voor 100% of voor 0% worden meegeteld bij de berekening. Hierna ga ik er van uit dat het volledige vermogen gemeenschappelijk is.

De woning van Cor en Anna heeft een marktwaarde van € 500.000 en een WOZ waarde van € 430.000. Er is nog een hypotheekschuld van € 125.000. Verder hebben Cor en Anna wat spaargeld, een auto en een eenvoudige inboedel. Laten we er van uit gaan dat de uitvaart € 10.000 zou kosten en dat Cor en Anna geen uitvaartverzekering hebben.

WOZ waarde woning€ 430.000
Hypotheekschuld€ -125.000
Inboedel€ 5.000
Auto€ 15.000
Spaargeld€ 10.000
Totaal gemeenschap van goederen€ 335.000
De erfenis is de helft hiervan€ 167.500
Uitvaartkosten€ -10.000
Fiscale omvang erfenis€ 157.500

Hoewel de woning een marktwaarde heeft van € 500.000, heeft de eerste nalatenschap slechts een fiscale omvang van € 157.500. Dat is een hele opluchting voor Cor en Anna. Zij waren bang dat er een heffing zou volgen van tienduizenden euro’s. Het zou wel eens veel minder kunnen zijn.

Stap 2: Wat gebeurt er met de erfenis?

Eerder heb ik al uitgelegd hoe de wettelijke langstlevende regeling werkt. Stel dat Cor en Anna geen testament hebben en dat Anna als eerste overlijdt. Op grond van de wet zijn Cor en de beide kinderen samen erfgenaam. De erfenis is € 157.500 waard. De drie erfgenamen hebben ieder recht op een derde hiervan, ofwel € 52.500.

De volledige erfenis wordt toegedeeld aan Cor als langstlevende. Hij erft dus het huis en de hypotheekschuld. In ruil hiervoor houdt hij een schuld aan de kinderen. De kinderen erven ieder een vordering op Cor.

  • Cor erft dus € 157.500 aan vermogen, met in ruil daarvoor een schuld aan de kinderen van € 105.000 (twee keer € 52.500). Per saldo heeft hij een erfdeel van € 52.500.
  • De kinderen erven een geldvordering van € 52.500 per persoon.

Stap 3: Het waarderen van de erfdelen

Stel dat ik een renteloze geldvordering van € 100 heb op iemand en dat deze vordering pas over twintig jaar opeisbaar is. Zou jij deze geldvordering van mij willen kopen voor € 100? Of zou je er veel minder voor willen betalen, bijvoorbeeld maar € 25? Een euro die je pas over twintig jaar krijgt is op dit moment lang geen euro waard.

De kinderen kunnen hun geldvordering van € 52.500 pas opeisen na het overlijden van Cor. Bovendien krijgen ze in de tussentijd geen rente. Op grond van de wet kan er wel een rente worden bijgeteld. Dit is standaard alleen het geval als de wettelijke rente hoger is dan 6%. Stel dat de wettelijke rente 7% is, dan wordt er 1% rente per jaar bijgeteld.

Gelukkig houdt de Successiewet rekening met de niet-opeisbaarheid en renteloosheid van de geldvordering. Deze mag namelijk worden afgewaardeerd van de “nominale waarde” naar de “contante waarde” voordat je de erfbelasting berekent. Voor de duidelijkheid: de afwaardering betekent niet dat de vordering omlaag gaat. De kinderen hebben nog precies hetzelfde bedrag tegoed. Het enige verschil is dat je de erfbelasting over een lager bedrag berekent.

De afwaardering vindt plaats volgens onderstaande leeftijdstabel. Het gaat hierbij om de leeftijd van de langstlevende op het moment dat de eerste echtgenoot overlijdt. Het percentage in de rechterkolom haal je van de geldvordering af. De andere waardering geldt overigens ook voor de schuld van de langstlevende aan de kinderen. Niet alleen de vordering van de kinderen op de langstlevende wordt lager gewaardeerd. Ook de waarde van de schuld van de langstlevende aan de kinderen is lager.

Je mag de onderstaande leeftijdstabel gebruiken als:

  • de wettelijke langstlevende regeling van toepassing is;
  • er geen afwijkende renteclausule in het testament staat;
  • de erfgenamen geen renteovereenkomst maken.
Leeftijdstabel
Leeftijd langstlevende:Afwaardering:
tot 20 jaar96%
20 tot 30 jaar90%
30 tot 40 jaar84%
40 tot 50 jaar78%
50 tot 55 jaar72%
55 tot 60 jaar66%
60 tot 65 jaar60%
65 tot 70 jaar48%
70 tot 75 jaar42%
75 tot 80 jaar30%
80 tot 85 jaar24%
85 tot 90 jaar18%
90 jaar of ouder12%

Voor de erfdelen van Cor en de beide kinderen betekent dit het volgende:

nominale waardecorrectiecontante waarde
Cor€ 52.500+ € 44.100€ 96.600
Kind 1€ 52.500– € 22.050€ 30.450
Kind 2€ 52.500– € 22.050€ 30.450
Totaal€ 157.500€ 157.500

Het totaal van de drie nominale erfdelen is gelijk aan het totaal van de drie contante erfdelen. De fiscale verkrijging van de langstlevende gaat omhoog en de fiscale verkrijging van de kinderen gaat omlaag. Dit is zeer gunstig. De langstlevende heeft namelijk een veel grotere vrijstelling dan de kinderen. De hierboven beschreven waarderingsmethode heeft voor de meeste erfenissen tot gevolg dat een lager bedrag belast is met erfbelasting.

Stap 4: het verlagen van de fiscale erfdelen met de vrijstellingen

Nadat je de fiscale waarde van de erfdelen hebt berekend komt de vrijstelling in mindering. Een bijzonderheid van de Nederlandse erfbelasting is dat deze voor iedere erfgenaam afzonderlijk wordt berekend. Iedere erfgenaam heeft een eigen vrijstelling en eigen tariefschijven. Dit betekent bijvoorbeeld dat je door het toevoegen van een extra erfgenaam of het wijzigen van de erfdelen belasting kunt besparen. Voorbeelden hiervan zijn het toevoegen van een kleinkind aan je testament of het verhogen van het erfdeel van de langstlevende.

De vrijstellingen en tariefschijven worden ieder jaar verhoogd met een inflatiecorrectie. In 2025 is de vrijstelling per kind € 25.490. De vrijstelling voor een langstlevende is minimaal € 207.886 en maximaal 804.698. De exacte hoogte wordt bepaald door het nabestaandenpensioen. Stel dat Anna als eerste overlijdt en Cor achterblijft als langstlevende. Indien Anna recht had op een pensioenuitkering, dan gaat een deel hiervan over op Cor. Dit wordt nabestaandenpensioen genoemd. Gelukkig betaalt Cor daar geen erfbelasting over. Maar de waarde van de uitkering komt dus wel in mindering op de vrijstelling die Cor heeft als langstlevende.

Is de fiscale waarde van het erfdeel van de langstlevende hoger dan de minimale vrijstelling voor de erfbelasting? Dan moet je de exacte vrijstelling berekenen om te kunnen bepalen of er belasting verschuldigd is. Onderaan dit blog vind je een link naar een ander blog waarin ik uitleg hoe deze berekening werkt.

De vrijstellingen werken in de situatie van Cor en Anna als volgt uit:

fiscale waarde erfdeelvrijstellingbelast bedrag
Anna€ 96.600minimaal € 207.866€ 0
Kind 1€ 30.450€ 25.490€ 4.969
Kind 2€ 30.450€ 25.490€ 4.960
Totaal€ 157.500€ 9.920
Stap 5: De erfbelasting berekenen

Boven de vrijstellingen zijn er twee tariefschijven. De hoogte van deze schijven in euro’s wordt ieder jaar aangepast met een inflatiecorrectie, maar de belastingpercentages blijven steeds hetzelfde.

In 2025 is de eerste schijf € 154.197 met een belastingpercentage van 10%. De tweede schijf is 20% over het meerdere boven € 154.197. Stel dat je bijvoorbeeld als kind in 2025 een erfdeel ontvangt met een fiscale waarde van € 200.000. Dan is € 25.490 vrijgesteld, € 154.197 belast met 10% en € 20.313 belast met 20%.

In het geval van Cor en Anna blijft de erfbelasting bij het overlijden van de eerste echtgenoot beperkt tot de 10% schijf. Bovendien wordt de erfbelasting maar berekend over een klein bedrag. Hierdoor valt de totale erfbelasting enorm mee.

belast bedrag10% schijf tot € 154.19720% schijf boven € 154.197
Cor€0€ 0€ 0
Kind 1€ 4.960€ 496€ 0
Kind 2€ 4.960€ 496€ 0
Totaal€ 9.920€ 992€ 0

De totale erfbelasting indien Anna als eerste zou overlijden is minder dan € 1.000. Hoewel veel echtparen zich zorgen maken over de erfbelasting bij het overlijden van de eerste echtgenoot, valt de heffing in de praktijk vaak mee. In veel gevallen is er geen noodzaak om een speciaal testament te maken waarmee je de erfbelasting uitstelt tot na het tweede overlijden.

Toch is het altijd verstandig om naar de notaris te gaan om je zaken goed te regelen. Ook als je geen miljonair bent. Dit zijn een paar goede redenen om wat op papier te zetten:

  • Het is slim om uit voorzorg je vertegenwoordiging te regelen voor het geval dat je in de toekomst wilsonbekwaam wordt. Dit kan met een zogenoemd “levenstestament”. Dat is een notariële akte waarin je een algemene volmacht verleent aan elkaar en de kinderen.
  • Je kunt met een uitsluitingsclausule voorkomen dat je schoonkind bij een scheiding recht heeft op de helft van je erfenis.
  • In een testament kun je regelen dat de langstlevende de erfenis niet hoeft op te eten bij opname in een verpleeghuis.

Meer lezen?

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven